Model

Is dit bemiddelbaar?

Niet elk conflict hoort aan een bemiddelingstafel, en dat mag gezegd worden. Vier keer ja bepaalt of bemiddeling kans maakt. Dat vooraf nagaan bespaart iedereen een traject dat nergens heen leidt.

timing inrichting deelnemers
Frame 1 · Het verkennend gesprek

Kennismaken met de initiatiefnemer

Alles begint bij wie de bemiddeling aanvraagt, meestal nog zonder de andere deelnemers. Samen regelen we de sessie: de timing, de inrichting, en wie er deelneemt.

de verhouding bepaalt de opstelling
Frame 2 · Evenwicht

Wie tegenover wie?

We brengen de verhoudingen in kaart: binnen een team, team tegenover team, of team tegenover leidinggevende. Aan tafel moet er evenwicht zijn, ongeacht positie of aantal.

het conflict vier keer ja?
Frame 3 · De vraag

Past bemiddeling hier?

In datzelfde gesprek stellen we de eerlijke vraag: is dit conflict bemiddelbaar? Het antwoord blijkt uit vier vragen, en op alle vier moet het ja zijn.

ja, dit is ons probleem ja, we willen het oplossen ja, via bemiddeling ja, met deze bemiddelaar alle vier, anders wringt het
Frame 4 · De vier ja’s

Vier vragen, vier keer ja

De deelnemers spreken ze zelf uit, uiterlijk bij de start van de eerste sessie: dit is ons probleem, we willen het oplossen, we kiezen voor bemiddeling, en we vertrouwen deze bemiddelaar.

iemand wil een uitspraak het besluit staat al vast het is er niet veilig genoeg dan is nee het eerlijke antwoord
Frame 5 · Als er een nee zit

Soms is nee het eerlijke antwoord

Komt in het verkennend gesprek al naar boven dat er op een van de vier een nee zit, dan heeft de eerste sessie geen zin. Nee klinkt bijvoorbeeld zo: iemand wil een uitspraak, het besluit staat al vast, of het is er niet veilig genoeg.

"ik kies ervoor om hier te zijn"
Frame 6 · Vrijwilligheid

De deur staat open, niemand duwt

De kern die we de initiatiefnemer meegeven: de vier ja’s zijn maar iets waard als ze vrij gegeven zijn. Niet: mijn baas heeft me gestuurd. Wel: ik kies ervoor om hier te zijn.

Waar het over gaat

Niet elk conflict is bemiddelbaar, en dat mag gezegd worden. Bemiddeling werkt als de betrokkenen zelf de uitkomst willen bouwen. Of dat zo is, blijkt uit vier vragen, en op alle vier moet het antwoord ja zijn. Dat vooraf nagaan bespaart iedereen een traject dat nergens heen leidt.

Het verkennend gesprek

Het begint met een kennismaking met de initiatiefnemer: degene die de bemiddeling aanvraagt. Meestal zitten de andere deelnemers daar niet bij, en dat hoeft ook niet. In dit gesprek maken we afspraken over de praktische kant van de bemiddelingssessie: de timing, de inrichting, en wie er deelneemt. Afhankelijk van het aantal deelnemers en de complexiteit mag je rekenen op vier tot zes sessies van twee tot vier uur.

We gaan ook na hoe de partijen zich tot elkaar verhouden. Is dit een conflict binnen een team, tussen twee teams, of tussen een team en een leidinggevende? Die verhouding bepaalt hoe we de sessie inrichten, want aan tafel moet er evenwicht zijn: iedereen moet vrijuit kunnen spreken, ongeacht positie of aantal.

En het gesprek legt de basis voor de vier ja’s. Uitspreken doen de deelnemers ze zelf, later. Maar komt hier al naar boven dat er op een van de vier een nee zit, dan heeft de eerste bemiddelingssessie geen zin, en is dat waardevolle informatie. Daarom polsen we ook naar de vrijwilligheid van de deelname. De kern die we de initiatiefnemer meegeven: het werkt niet als mensen komen omdat hun baas hen stuurde. Het werkt als ieder kan zeggen: ik kies ervoor om hier te zijn.

Vier keer ja

De vier ja’s komen van de deelnemers aan de bemiddeling zelf. Niemand kan ze in hun plaats geven, ook de initiatiefnemer niet. Uiterlijk bij de start van de eerste sessie moeten ze er alle vier zijn, hardop en vrij gegeven.

  • Ja, dit is ons probleem. Beide partijen erkennen dat er effectief een conflict is. Zolang één kant volhoudt dat er niets aan de hand is, valt er niets te bemiddelen.
  • Ja, we willen het oplossen. Er is bij iedereen de wil om tot een oplossing te komen. Dat is iets anders dan het al eens zijn over hoe die eruitziet.
  • Ja, we willen dit via bemiddeling doen. De partijen kiezen bewust voor bemiddeling, in plaats van bijvoorbeeld een juridische procedure of een beslissing van bovenaf.
  • Ja, we willen samenwerken met deze bemiddelaar. Er is vertrouwen in de persoon die het proces begeleidt. Zonder dat vertrouwen wordt elke tussenkomst gewogen in plaats van gebruikt.

Wanneer bemiddeling niet past

Soms wil iemand geen uitkomst maar een uitspraak: gelijk halen, een oordeel, een precedent. Dat is een legitieme wens, alleen hoort ze niet aan een bemiddelingstafel. Soms staat de beslissing eigenlijk al vast en wordt bemiddeling ingezet om ze aanvaardbaar te verpakken; dat ondermijnt het gesprek en komt altijd uit. En soms is de situatie niet veilig genoeg om vrijuit te spreken. In elk van die gevallen is nee het eerlijke antwoord.

Zo pakken wij het aan

Wij starten geen traject voor de vier ja’s er zijn. In het verkennend gesprek gaan we ze samen na, en zeggen we het ook als er een ontbreekt. Liever een eerlijk nee vooraf dan een traject dat vastloopt. Lees meer over onze aanpak →

Wanneer dit inzicht helpt

Wanneer je overweegt om bemiddeling voor te stellen en wil inschatten of het kans maakt. Wanneer een van de betrokkenen twijfelt en wil weten waar die ja of nee eigenlijk over gaat. Of wanneer een eerder traject nergens toe leidde en je wil begrijpen waarom: vaak ontbrak een van de vier ja’s al bij de start.

Twijfel je of bemiddeling hier past?

Dan is een verkennend gesprek de eenvoudigste manier om de vier ja’s samen na te gaan, zonder verplichting.